Belastingdienst rekent hoge rente bij (te) laat indienen van aangifte

De regels over belastingrente zijn streng. Zeker in vergelijking tot de rente op een spaarrekening is de rente die u de Belastingdienst moet betalen erg hoog. Voor de inkomstenbelasting is dat 4% en voor de vennootschapsbelasting zelfs 8%. Kritisch zijn op de voorlopige teruggaaf is dus belangrijk.

Hoe werkt het?

De belastingrente wordt in rekening gebracht vanaf 1 juli volgend op het belastingjaar. Heeft u uw aangifte inkomstenbelasting binnen de aangiftetermijn gedaan (uiterlijk 1 mei 2020)? Dan wordt er geen rente in rekening gebracht. Hetzelfde geldt als je een verzoek doet om een voorlopige aanslag over 2019 te betalen.

Let op: de vennootschapsbelasting wordt vooralsnog niet aangesloten bij de aangiftetermijn.

Lees meer →

De WAB en oproepkrachten

Per 1 januari 2020 treedt er de nieuwe WAB in werking: de Wet arbeidsmarkt in balans. Een van de belangrijkste wijzigingen gaat over oproepkrachten en hoe het zit met vaste uren, het tijdig oproepen en de opzegtermijn.


Het is binnen de WAB verplicht om oproepkrachten elk jaar opnieuw een aanbod te doen (voor 31 januari 2020) voor een vaste arbeidsomvang. Dit aanbod is dan gebaseerd op de gemiddelde gewerkte arbeidsduur in de voorgaande 12 maanden. Dit geldt ook voor werknemers die per 1 januari 2020 langer dan 12 maanden als oproepkracht werken. Het is uiteraard niet verplicht om een contractverlenging of vast contract te geven. De aanpassing van de arbeidsduur bevestig je schriftelijk en dan is het aan de oproepkracht om dit voorstel wel of niet te accepteren. Als je geen aanbod doet, dan heeft de werknemer na die 12 maanden recht op zijn/haar loon over het gemiddeld aantal gewerkte uren van het jaar daarvoor.

Op tijd oproepen

Wat de wet ook regelt is dat je oproepkrachten ten minste 4 dagen (96 uur) voor aanvang moet oproepen. Doe je dat niet dan mag de werknemer weigeren te komen, zonder opgaaf van reden. Maar let op, als je binnen de 4 dagen alsnog annuleert ben je toch verplicht om het volledige loon te betalen voor de tijd dat je iemand had ingepland. Het is mogelijk dat hiervoor binnen de CAO in jouw branche andere afspraken zijn, maar de oproepperiode mag nooit korter zijn dan 24 uur. Het is niet toegestaan om met een individuele arbeidsovereenkomst af te wijken van deze regeling.

Opzegtermijn

De opzegtermijn voor een werknemer is op dit moment nog een maand maar dit wordt met de nieuwe WAB maximaal 4 dagen. De wettelijk opzegtermijn voor de werkgever blijft wel minimaal 1 maand en is afhankelijk van de duur van de arbeidsovereenkomst.

Lees meer →

Is de fiets van de zaak interessant voor jou en je medewerkers?

Misschien heb je er al over gehoord of gelezen; vanaf 2020 is er een regeling voor de fiets van de zaak. Deze kan interessant zijn voor werkgevers, maar of werknemers het ook willen…?

Vanaf januari 2020 kun je een fiets leasen op de zaak. Dat klinkt leuk en interessant, maar daar zitten een paar haken en ogen aan. Voor iemand die elke dag op die nieuwe fiets naar zijn komt, vervalt namelijk de reiskostenvergoeding. Dat is voor jouw als werkgever interessant, maar wie wil dat?


Werkt de regeling wel?
De bedoeling van de regeling is natuurlijk om meer mensen te laten bewegen, files te verminderen en goed voor het milieu. Bovendien mag je de fiets ook privé gebruiken. Je kunt het ook combineren, dus sommige dagen op de fiets en sommige dagen de auto of de trein. Zo kun je als werknemer een deel van die vergoeding behouden. Maar de vraag is of je als werkgever beide opties wil vergoeden? Verder moet de werknemer dan wel bijhouden en kunnen bewijzen wanneer hij of zij met de fiets gaat en wanneer niet.


Veel gedoe voor kleine werkgever
De regeling biedt wel veel flexibiliteit, want je kunt dus verschillende vergoedingen (ov, fiets, auto) combineren. Voor grote bedrijven die als secundaire arbeidsvoorwaarden dit soort ‘full service’-pakketten aanbieden wellicht interessant, voor kleine bedrijven al snel veel (administratief) gedoe.

Lees meer →

Lagere WW-premie voor contracten onbepaalde tijd

Tot nu toe betaal je WW-premie op basis van de sector waarin je actief bent. Per 1 januari 2020 is dit niet meer het geval.|
Vanaf dan betaal je een lagere WW-premie voor werknemers met een contract voor onbepaalde tijd, maar een hogere voor werknemers met een contract voor bepaalde tijd. De hoogte van deze premies staat nog niet vast, maar het verschil wordt waarschijnlijk 5%.  

Overigens geldt de lage premie alleen als de arbeidsovereenkomst voldoet aan de volgende eisen:

1. De arbeidsovereenkomst is schriftelijk overeengekomen
2. De arbeidsovereenkomst is voor onbepaalde tijd aangegaan
3. De contracturen per periode zijn eenduidig in de arbeidsovereenkomst
vastgelegd. Er is dus geen sprake van een oproepovereenkomst.


Tot slot: ook voor BBL-leerlingen en jongeren tot 21 jaar die niet meer dan 12 uur per week werken, betaal je vanaf 2020 de lagere premie.

Lees meer →

Welke gevolgen heeft de Wet Arbeidsmarkt in Balans voor u?

Per 1 januari 2020 treedt er een nieuwe wet in werking, de WAB: de Wet Arbeidsmarkt in Balans. We hebben 5 belangrijkste punten voor je op een rij gezet die al van belang kunnen zijn.

1. Duur tijdelijke arbeidscontracten wijzigt

Op dit moment mag je als werkgever totaal 3 contracten voor bepaalde tijd aanbieden, met een maximale duur van 2 jaar. Met de komst van de WAB verandert dat naar maximaal 3 jaar als een arbeidscontract op of na 1-1-2020 eindigt. Het maximaal aantal contracten blijft 3.

2. Transitievergoeding voor iedereen

Vanaf 1 januari 2020 ben je verplicht een medewerker een transitievergoeding te betalen op het moment dat je de arbeidsovereenkomst niet verlengt. Dit geldt ook voor het beëindigen van een contract tijdens de proeftijd. Op dit moment is dat pas zo als de totale contractduur langer is dan twee jaar. De verplichting tot het betalen van een transitievergoeding is overigens niet van toepassing voor werknemers die de AOW gerechtigde leeftijd hebben bereikt.

3. Geen overgangsrecht

Er is geen overgangsrecht van toepassing. Dus op alle overeenkomsten die op of na 1-1-2020 eindigen, geldt het bovenstaande.

4. Dit verandert niet: proeftijden en ketenregeling

De maximale proeftijd blijft 1 maand bij contracten langer dan 6 maanden tot 2 jaar en 2 maanden bij contracten langer dan 2 jaar, tenzij er binnen de cao andere afspraken gelden. Tussen de ene reeks arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd en een nieuwe reeks moet nog steeds 6 maanden zitten. Dit is ook ongewijzigd.

5. Nieuwe afspraken voor oproepkrachten

Bij oproepkrachten veranderen er een aantal zaken. Je bent verplicht om oproepers jaarlijks (in de 13e maand van het contract) een aanbod te doen. Het gaat om een aanbod voor een vaste arbeidsomvang gebaseerd op de gemiddelde gewerkte arbeidsduur in de voorgaande 12 maanden. Doe je dat niet op tijd dan heeft een medewerker recht op het gemiddelde loon van de afgelopen 12 maanden. Natuurlijk kan je als werkgever er ook voor kiezen om het contract te beëindigen. Verder moeten oproepkrachten voortaan uiterlijk 4 dagen vooraf op de hoogte worden gebracht van hun rooster. Zo niet, dan hoeft de oproepkracht niet te verschijnen. Annuleren binnen die 4 dagen betekent voortaan wel gewoon uitbetalen. Tot slot verandert de opzegtermijn ook voor de werknemer. Die kan het contract opzeggen binnen 4 werkdagen. Voor de werkgever blijft dat 1 maand.

Lees meer →